In haar lectorale rede benadrukt Boland het belang van spel in educatie en onderwijs aan jonge kinderen. Ze stelt dat vaak onterecht een onderscheid wordt gemaakt tussen spelen en leren, wat leidt tot een te sterke focus op lezen, schrijven en rekenen, los van een betekenisvolle context. Ze pleit voor een benadering waarin spel centraal staat, omdat dat jonge kinderen in spel de wereld om hen heen ontdekken en zichzelf als unieke individuen ontwikkelen.
Ze baseert haar argumenten op de twee kwaliteiten van het kind die Hannah Arendt beschrijft: het kind als nieuw mens in een bestaande cultuur en het kind als mens in wording. Het kind als nieuw mens betekent dat elk kind de wereld betreedt als ‘nieuweling’ en aan de bestaande cultuur leert deelnemen. De volwassene heeft volgens Arendt de verantwoordelijkheid om het kind in te leiden in de bestaande cultuur. Het kind als mens in wording houdt in dat het kind in ontwikkeling is tot de unieke mens die hij of zij is. De volwassene moet die uniciteit beschermen, door pluraliteit - het feit dat mensen van elkaar verschillen - als uitgangspunt te verdedigen.
Gert Biesta's functies van onderwijs - socialisatie, kwalificatie en subjectwording - sluiten goed aan bij Arendt. Socialisatie verwijst naar de manier waarop onderwijs bestaande culturele waarden, normen en praktijken overdraagt aan kinderen. Kwalificatie betreft het toerusten van kinderen met kennis, vaardigheden en oordeelsvorming, om in de toekomst een zinvolle bijdrage te kunnen leveren aan de maatschappij. Deze twee functies van onderwijs hebben te maken met het kind als nieuwkomer, met het introduceren van kinderen in de voor hen nog onbekende wereld. Subjectwording betreft een zekere onafhankelijkheid van bestaande ordes en structuren; autonomie in denken en handelen. Subjectwording is gericht op het unieke van een kind, op wat Arendt de ontwikkeling van het nieuwe in het kind noemt, op het nieuwe handelen en spreken dat het kind de wereld in brengt.
Boland stelt dat spel een essentiële rol speelt in elk van deze functies. Spel is een context voor socialisatie doordat kinderen in hun spel de wereld om hen heen verkennen. In doen-alsof spel maken ze kennis met verschillende rollen, situaties en perspectieven. De professional introduceert het kind steeds in nog onbekende werelden die verbeeld worden in het spel. Daarbij is de professional bemiddelaar tussen de regels van de wereld en de regels van het spel. Dit sluit nauw aan bij Arendts idee van het kind als nieuw mens in een bestaande cultuur, waarbij het kind die cultuur opnieuw verkent en vormgeeft op basis van eigen ervaringen en interpretaties.
Spel is ook een context voor kwalificatie. Jonge kinderen leren door concrete ervaringen van handelen en spreken, waardoor ze intuïtieve kennis opbouwen van scripts en patronen. Door reflectie met de professional krijgen kinderen bewustere kennis over de relatie tussen hun handelen en de effecten daarvan, waardoor ze mentale representaties van handelen creëren en vooraf nadenken over verwachte effecten. Professionals benutten taal als middel voor sociale verbinding en betekenisconstructie, en ontwerpen activiteiten binnen een inhoudelijk betekenisvol spelverhaal om kinderen nieuwe vaardigheden en betekenisvolle ervaringen te laten opdoen.
Spel is ten derde ook een waardevolle context voor subjectwording, de ontwikkeling van het kind als uniek mens. Tijdens het spel maken kinderen keuzes, nemen initiatieven, en onderhandelen met leeftijdsgenoten. Arendts idee van het kind als mens in wording is hier van toepassing, aangezien kinderen ervaringen opdoen met wie ze zijn in relatie tot de ander.
De professional speelt een belangrijke rol in de begeleiding van het spel. Daarbij is het creëren van intersubjectiviteit door de professional cruciaal. Intersubjectiviteit omvat zowel een affectieve component, een gevoel van verbondenheid, als een mentale component, het op elkaar afgestemd zijn in het ervaren en begrijpen van een situatie. Door actieve deelname aan het spel en co-constructie helpen professionals kinderen op hun ervaringen te reflecteren, wat leidt tot betekenisverlening en de ontwikkeling van nieuwe inzichten en vaardigheden.
De kunst voor professionals is om werkelijk in verbinding te raken met jonge kinderen. Daarvoor moeten zij de taal van kinderen leren begrijpen. Dat vraagt om deskundigheid en een warm hart.