Praktijkvoorbeelden
Tools
Bronnen
Lees- en luistertips
Activiteiten
Blogs
Berichten
Overige informatie

Ruimte geven voor de autonomie van het kind

Het ervaren van autonomie is een basisbehoefte van ieder opgroeiend kind en daarmee een voorwaarde voor ontwikkeling. Het respecteren van autonomie is dan ook een belangrijke interactievaardigheid voor pedagogisch professionals. Het Expertisecentrum Kinderopvang hanteert de volgende werkdefinitie van autonomie:
Onder autonomie verstaan we dat het kind van nature het verlangen heeft om op basis van eigen vrije keuze te handelen. Het kind is eigenaar van zijn eigen ontwikkelingsproces. 
Doordat de pedagogisch professional ruimte en richting geeft, ontwikkelt het kind zich en houdt het in toenemende mate rekening met wat goed is voor zichzelf, de ander en de planeet. 
De opvoeder speelt hierbij een belangrijke rol. Want het ervaren van autonomie door het kind vindt uiteraard mede plaats binnen de relatie met de opvoeder.
Opvoeders geven kinderen ruimte en vrijheid door:

  • een basishouding te ontwikkelen met vertrouwen in de competenties en de veerkracht van het kind. Kinderen hebben van jongs af aan de capaciteit om met tegenslag om te gaan en te herstellen van stresssituaties in het spel. Het zelfvertrouwen dat zij hierdoor ontwikkelen, stelt hen in staat om steeds nieuwe ontdekkingen en ervaringen op te doen. Ervaringen, die hun veerkracht verder vergroten.
  • een autonomie-ondersteunende opvoedingsstijl te hanteren: een stijl die vrije keuzes biedt, zelfinitiatief aanmoedigt en waardeert, is afgestemd op interesses en afgestemde, niet-opdringerige communicatie omvat. 
  • ontvankelijk te zijn voor het perspectief, de motieven, de gevoelens en de behoeften van het individuele kind. Door kortom pedagogisch sensitief te zijn: het goede willen doen, op het juiste moment, bij dít kind in deze situatie. Ieder kind heeft andere behoeftes. Daarom is het belangrijk om goed, respectvol en zonder vooroordeel te kijken, luisteren en praten met het kind. Deze ontvankelijkheid vertaalt zich ook in het afstemmen van lichamelijk contact op de behoefte van het kind, het geven van bewegingsvrijheid en zichzelf niet opdringen. 
  • het proces en niet een ‘eindproduct’ voorop te stellen. Hierdoor krijgen kinderen de ruimte zelf hun spel of bezigheid vorm te geven. Hierbij volgen ze hun eigen ideeën, ingevingen en interesses. 
  • het creëren van een (speel-)omgeving waarin kinderen de gelegenheid krijgen hun (risicovol) spel vrij en uitdagend vorm te geven. In zo’n speelomgeving zijn er voor ieder kind passende speelmogelijkheden. Bijvoorbeeld door de aanwezigheid van veelzijdige, ‘open’ materialen. Materialen zonder gedefinieerd gebruik, ‘loose parts’, die door het kind kunnen worden verplaatst en aangepast. Regelmatige vernieuwing van de speelomgeving is ook belangrijk. Jonge kinderen worden aangetrokken tot het nieuwe. Dus hoe meer variatie, hoe beter.
  • de visie en het handelen af te stemmen met collega’s, ouders en leidinggevenden en deze vast te leggen in het pedagogisch beleid. Het is belangrijk dat pedagogisch professionals zich ervan bewust zijn dat er verschillen bestaan tussen ouders in de opvattingen en houding ten aanzien van autonomie. Wat betekent dat er ook verschillen kunnen zijn tussen de kinderopvang en de thuissituatie. 

Het ervaren van autonomie door kinderen versterkt hen op meerdere vlakken: betrokkenheid, intrinsieke motivatie, zelfvertrouwen en eigenwaarde, risicocompetentie, veerkracht en weerbaarheid, zelfstandigheid, sociale verantwoordelijkheid, en zelfkennis. Het respecteren van de autonomie is dan ook een van de opvoedingsopgaves voor de pedagogisch professionals: Zij vragen zich voortdurend af op welke wijze ruimte gegeven kan worden voor de autonomie van het kind. 

Hoe is de werkdefinitie tot stand gekomen?
Na een uitgebreide screening van de literatuur heeft de betrokken onderzoeker een concept-werkdefinitie geformuleerd, die vervolgens is voorgelegd aan het ontwikkelteam. Na diverse gesprekken is het ontwikkelteam uiteindelijk gekomen tot de werkdefinitie zoals deze hierboven beschreven staat.

Praktijkvoorbeelden gezocht

We zijn op zoek naar aansprekende voorbeelden uit de praktijk.
Wil jij een voorbeeld uit jouw eigen praktijk aandragen?

Vul dan alsjeblieft het contactformulier in en we nemen snel contact met je op!

Voorbeeld aandragen

Ontwikkelteam

Autonomie kind

Pedagogisch professional: Larissa Barten, De Geheime Tuin; Georgette Boehmer, Wonderland kinderopvang; Marieke Grijpink, SWKgroep; Linda Gul, Kinderopvang Mundo; Anita Hoeven, Okidoki kinderopvang; Simone den Hollander, GO-kinderopvang; Suzanne Plaisier, SDK-kinderopvang; Elise Rip, Kinderdagverblijf De Regenboog; Marloes Sonder, Humankind; Rosemarie Wesseling, Partou

Wetenschapper: Martin van Rooijen, Universiteit voor Humanistiek

Tools
Autonomie tijdens verschoonmoment

Tips gebaseerd op Emmi Pikler.

Tools
Interventieladder

Geef kinderen de ruimte zelf te ontdekken wat ze wel en niet kunnen voordat je ingrijpt.

Tools
Autonomie van baby's

Korte tips voor als je baby’s ruimte wil geven voor hun autonomie: Omgeving, Aanbod en programma, Interactievaardigheden en Samenwerking ouders.

Tools
Implementatie van autonomie voor kinderen

Een voorbeeld van hoe je pedagogisch professionals kunt betrekken bij de implementatie van autonomie voor kinderen.

Tools
Autonomie tijdens het eetmoment

Gebaseerd op het gedachtengoed van Emmi Pikler kun je kinderen steeds meer autonomie geven als dat past bij hun ontwikkeling.

Tools
Autonomie tijdens het eten

In het voedingsbeleid is geregeld welke voeding aangeboden wordt. De manier waarop je dat doet biedt kansen om ruimte te geven aan de autonomie van kinderen.

Tools
Ruimte geven voor autonomie bij de jongste bso kinderen

Suggesties voor de inrichting van de ruimte, de materialen, het programma en het activiteitenaanbod en het handelen van de pm-ers.

Tools
Ruimte geven voor autonomie bij oudere BSO kinderen

Suggesties voor de inrichting van de ruimte, de materialen, het programma en het activiteitenaanbod en het handelen van de pm-ers.

Tools
Ruimte geven voor autonomie bij peuters

Suggesties voor de inrichting van de ruimte, de materialen, het programma en het activiteitenaanbod en het handelen van de pm-ers.

Tools

Meer tools zien?

Investeer mee in pedagogische kwaliteit en bekijk alle tools!

JA, ik doe mee! info

Wetenschappelijke bronnen

×

Pedagogical quality of after-school care: Relaxation and/or enrichment?

Ruben Fukkink en Marianne Boogaard | 2020

Autonomy, Fairness and Active Relationships: Children’s Experiences of Well-being in Childcare

Emma Cooke, Michelle Brady, Cheryll Alipio en Kay Cook | 2019

A professionalisation programme towards children’s risk-taking in play in childcare contexts: moral friction on developing attitudes and collegial expectations

Martin van Rooijen en Gaby Jacobs | 2019

How to Play without Toys? A Playwork Experimentation in Paris

Baptiste Besse-Patin | 2018

Proefschrift: Exploring childcare spaces. Young children’s exploration of the indoor play space in center-based childcare

Ine van Liempd | 2018

How to support toddlers’ autonomy: A qualitative study with child care educators

Marilena Côté-Lecaldare, Mireille Joussemet en Sarah Dufour | 2016

Tijd voor pedagogiek: Over de pedagogische paragraaf in onderwijs, opleiding en vorming

Gert Biesta | 2015

Pedagogical tact. Knowing what to do when you don’t know what to do

Max van Manen | 2014/2015

General comment No. 17 on the right of the child to rest, leisure, play, recreational activities, cultural life and the arts

UN Committee on the Rights of the Child | 2013

The “what” and “why” of goal pursuits: Human needs and the self-determination of behavior

Edward L. Deci en Richard M. Ryan | 2000