Het eerste jaar bleef Tobi thuis. Daar kozen zijn ouders bewust voor, vertelt vader Edwin. Maar inmiddels heeft Tobi het helemaal naar zijn zin op de kinderopvang. ‘Als hij binnenkomt, legt hij meteen zijn speen in een laadje en gaat spelen.’
Edwin woont met zijn gezin in Hoofddorp. Tobi (2) gaat sinds april vorig jaar naar kinderopvang. Eigenlijk dachten zijn ouders aan één dag per week, maar toen ze bij de kinderopvang zeiden dat bij twee dagen wennen vaak makkelijker gaat, gingen ze daarin mee. En dat bevalt! Edwin blikt terug.
Hoe organiseerden jullie de zorg in het eerste jaar?
‘Mijn vrouw was twee dagen per week thuis, ik één dag, en mijn ouders kwamen twee dagen oppassen. Op zich werkte dat prima, alleen vond ik twee dagen van mijn ouders vragen op den duur te veel. En het leek me goed voor Tobi dat hij andere kindjes zou gaan zien. Dus toen er twee dagen beschikbaar kwamen bij de kinderopvang, hebben we die gelijk gereserveerd.’
Was het voor jullie belangrijk om een jaar te wachten?
‘Ja, wij vonden hem te klein. Het is ons eerste en enige kindje, dus we waren voorzichtig. Bij je ouders ben je toch gewoon het fijnst, was toen ons gevoel. Niet dat de opvang er niet goed mee om zou gaan hoor, wij wilden hem gewoon zoveel mogelijk bij ons hebben dat eerste jaar. Nu is dat anders. Hij is weerbaar. Als hij valt, dan valt ie.’
Hoe hebben jullie de locatie gekozen?
‘We hebben vooral online gekeken. Op de websites kun je vaak al goed zien hoe het er aan de binnenkant uitziet. We zochten een plek die een beetje aanvoelde als thuis. En dat was deze locatie. Open, licht, met lekker houten speelgoed en geen al te felle kleuren. Het is een monumentaal pand, dus het ziet er ook nog goed uit. Daarnaast sprak de buitenruimte ons aan. Niet alleen steen met een zandbak, maar gras, bamboe, houtsnippers. Daar zagen we Tobi wel spelen. De toegang tot het pand is met een code die regelmatig wisselt. Alleen ouders en verzorgers, zoals opa en oma, hebben die code. Je stapt niet zomaar binnen. En ze hebben verse maaltijden, dat vonden we ook fijn. Het fruit wordt vers gesneden, het middageten wordt vers gekookt. Van rijst met zalm tot noedels en bloemkool.’
Hoe verliep de allereerste dag?
‘Ja, dat was spannend. We hadden daarvoor eerst een kennismakingsrondje gedaan met Tobi erbij. Daarna ging hij twee halve dagen, dus alleen de ochtend. En toen ging hij al snel hele dagen. De eerste keer moest hij flink huilen toen wij weggingen. Hij kende die mensen natuurlijk niet. En hij had de hele dag zijn speentje en knuffeldoekje vast, hoorden we later. Dat was duidelijk nodig voor hem om zich veilig te voelen.’
Wanneer was Tobi helemaal gewend?
‘Nou, dat duurde wel een jaar. Maar sindsdien is hij ook echt gewend. Hij komt ’s ochtends binnen, legt zijn speentje en doekje in zijn laadje en gaat dan een boekje lezen of een puzzel maken. De angst is er echt af. Hij heeft nu gewoon een normale dag.’
Hoe was het begin voor jullie als ouders?
‘De eerste twee, drie weken waren onwennig. Het was raar dat het zo stil was, thuis. Maar daarna was het vooral lekker, moet ik eerlijk zeggen. Als ik probeer te werken terwijl Tobi thuis is, wil hij natuurlijk op schoot zitten of op de laptop tikken. Dat is niet altijd handig. Dus die twee dagen geven ons echt de ruimte om andere dingen te doen.’
Worden jullie op de hoogte gehouden als Tobi naar de opvang is?
‘We hebben een ouderapp, daar plaatsen ze foto’s in gedurende de dag, en berichten over eten, drinken, slapen. Aan het eind van de dag staat er een verslag in, een soort samenvatting. En als we hem ophalen is er altijd een contactmoment met de leidsters.’
Wat doet Tobi zoal, op een dag?
‘Bij goed weer spelen ze buiten. Bij minder weer gymmen ze vaak binnen, met ballen en stepping stones bijvoorbeeld. Of ze gaan kleuren, schilderen, boekjes lezen. We krijgen ook regelmatig kunstwerken mee naar huis. Ze zijn dus wel druk bezig, heb ik het idee.’
Merk je iets van verandering bij Tobi sinds hij naar de opvang gaat?
‘Absoluut. Hij ziet andere kindjes, dus hij neemt weleens iets over. Een beetje springen, zijn tong uitsteken, dat soort dingen. Al weet je natuurlijk nooit zeker dat dat van de opvang komt. En hij is spraakzamer geworden. Wij hebben thuis vaak aan een paar woorden genoeg, dus dan denk ik wel even: o ja, nu moet ik toch wat meer meepraten.’
Toen Tobi nog thuisbleef, wat was toen jullie verwachting van de kinderopvang?
‘Dat hij daar veilig zou kunnen spelen. En dat hij zich daar kon ontwikkelen. We hadden verder niet echt een doelstelling ofzo, we wilden vooral dat hij het naar zijn zin zou hebben. Door mijn tante en mijn moeder, die beiden in de kinderopvang hebben gewerkt, wist ik wel ongeveer wat we konden verwachten. En we zijn er blij mee. De kinderopvang geeft Tobi structuur, en ons wat meer flexibiliteit.’
Zou je andere ouders aanraden om voor minimaal twee dagen te kiezen?
‘Absoluut. Als het financieel haalbaar is natuurlijk.’